Oene Spoelstra
(Ferwert, 14 febrewaris 1944) is in Frysk skriuwer en ûnderwizer.
Nei de Dokkumer kweekskoalle, studearre er psychology, andragogy en filosofy yn Grins en Utert. Yn Erlangen en Bournmouth hâlde er him dwaande mei Dútske literatuer en film.
Biografy
Letter begûn er mei it skriuwen fan toanielstikken.
Tusken 1969 en 1976 krige er fiif kear de provinsjale toanielpriis.
Foar de RONO skreau er it harkspul ‘Waermte’ (1969), it waard letter op telefyzje brocht trocht de AVRO.
Mei Klaas Rusticus makke er in telefyzjespul fan it ferhaal ‘Boete dwaan’ fan Teatske Alzum. Opfallend eksperimint wie de opfiering fan de ienakter ‘Spul’ (1969), weryn’t it publyk nei in reiniging op it toaniel úteinliks troch bleate aktrises mei in wetterpistoal fuortjage waard.
Tryater hat ûnder oare syn stik
Ik kin net oars’ (1980) opfierd oer Fedde Schurer.
Foar it ferhaal Dukke Bukke dea krige er yn 1976 de Rely Jorritsmapriis.
Letter soe er noch inkelde kearen dy priis foar in troch him ynstjoerd ferhaal krije.
Begjin sechtiger jierren skreau er gedichten en proaza yn de literêre blêden De Tsjerne en Trotwaer. Ek yn De gouden tiid, it jongereinblêd fan de KFJ (Kristlik Fryske jongerein) en yn De Harpe fan Bernlef (orgaan fan de Fryske studinteferiening yn Grins) stiene bydragen fan Spoelstra.
Hy hat inkelde jierren diel útmakke fan de redaksjes fan D

De woonboten in Groningen
Roel van der Meer
en

Jan Thijs de Haan
en

Oene Spoelstra)
ROEL VAN DER MEER
Roel van der Meer
en

Jan Thijs de Haan
en

Oene Spoelstra)
ROEL VAN DER MEER
In deze luchtvervuilde tijden
is een scheikundige te benijden
Hij weet van vele stoffen wat,
welk closetpapier goed is voor zijn gat
Hij werkt met buisjes en met branders.
Hij mengt en brouwt en doet niet anders.
U weet het wel, zo'n ingewikkeld brouwsel maken.
waar een leek bij staat te kijken met beschaamde kaken.
Een hele dag is hij zo in de weer.
Hard werken en toch is het geen saaie peer.
Een proef op school om de leerlingen iets te leren.
Is als een eerste klas sommetje, dat hem niet kan deren.
Hij geeft ons schei- en natuurkundeles
en tovert met dingetjes uit een fles.
Hij weet precies hoe het is gesteld
met een elektrisch krachtenveld
Het periodiek stelsel kent hij uit zijn hoofd.
Er is geen meerwaardigheid die hem van 't verstand berooft
Voor fosfor is hij helemaal niet bang
Met ijzeren vuist pakt hij het in de tang.
Hij heeft een hoofd vol moleculen en atomen.
Je ziet de formules boven zijn hoofd uitkomen.
De studie eist veel van zijn vrije tijd.
Alleen in het weekend vrijt hij met zijn meid.
Hij woont buitengaats
In een heel lange straat
30 boten op een rij
Er kan geen jol meer bij.
Hij fietst steeds heen en terug
vanuit Oosterhogebrug
Vier kamers zitten er in elk bootje.
Bij velen is het wel een zootje
Op de boot van Van der Meer
is het allang niet meer
Onlangs zijn er onverschrokken
enkele dames ingetrokken
Vrouwen en mannen wonen door elkaar
De emancipatie begint ook daar
is een scheikundige te benijden
Hij weet van vele stoffen wat,
welk closetpapier goed is voor zijn gat
Hij werkt met buisjes en met branders.
Hij mengt en brouwt en doet niet anders.
U weet het wel, zo'n ingewikkeld brouwsel maken.
waar een leek bij staat te kijken met beschaamde kaken.
Een hele dag is hij zo in de weer.
Hard werken en toch is het geen saaie peer.
Een proef op school om de leerlingen iets te leren.
Is als een eerste klas sommetje, dat hem niet kan deren.
Hij geeft ons schei- en natuurkundeles
en tovert met dingetjes uit een fles.
Hij weet precies hoe het is gesteld
met een elektrisch krachtenveld
Het periodiek stelsel kent hij uit zijn hoofd.
Er is geen meerwaardigheid die hem van 't verstand berooft
Voor fosfor is hij helemaal niet bang
Met ijzeren vuist pakt hij het in de tang.
Hij heeft een hoofd vol moleculen en atomen.
Je ziet de formules boven zijn hoofd uitkomen.
De studie eist veel van zijn vrije tijd.
Alleen in het weekend vrijt hij met zijn meid.
Hij woont buitengaats
In een heel lange straat
30 boten op een rij
Er kan geen jol meer bij.
Hij fietst steeds heen en terug
vanuit Oosterhogebrug
Vier kamers zitten er in elk bootje.
Bij velen is het wel een zootje
Op de boot van Van der Meer
is het allang niet meer
Onlangs zijn er onverschrokken
enkele dames ingetrokken
Vrouwen en mannen wonen door elkaar
De emancipatie begint ook daar
(Wijs: Hij heeft zijn wagen volgeladen)
Hij heeft zijn scheepje volgeladen vol met mooie meiden
Met al dat schoons naast zijn kamer is hij te benijden.
Nu gaat hij in augustus trouwen
In het Heitelan zijn nestje bouwen
Dag bootje dag
Dag bootje dag
Met al dat schoons naast zijn kamer is hij te benijden.
Nu gaat hij in augustus trouwen
In het Heitelan zijn nestje bouwen
Dag bootje dag
Dag bootje dag
(Uit de revue)

Reacties
Een reactie posten